Als elfjarige jongen stond Dik al op het toneel. In een tot minitheater omgedoopte oude verfloods gaf hij voorstellingen voor de plaatselijke jeugd. Zowel zijn publiek als de regionale pers waren enthousiast. Met een clowneske uitstraling vermaakt hij het publiek met trompet, viool, doedelzak, drums en niet te vergeten indrukwekkende zang. Altijd gaat de muzikaliteit gepaard met komische situaties en meesterlijke karikaturen. Soms met spetterende uitbundigheid, dan weer met een aandoenlijk spel vol subtiliteit. Maar altijd met grote intensiteit en enthousiasme.