Geetje de Oude studeert in 1993 af als student en uitvoerend musicus op concertaccordeon aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam bij docent Ronald van Overbruggen. Zij speelt eerst pianoklavier, en schakelt later over op knopaccordeon. Dan volgt zij workshops in Bailystock en Warschau van o.a. Mogens Ellegaard en Friedich Lips. Naast muziek houdt zij zich bezig met zang, dans en toneel. Zij speelt behalve accordeon, viool, piano en percussie, o.a. castagnetten en carjon.
Geboren in de Amsterdamse Jordaan speelt zij vanaf haar zesde jaar accordeon bij haar leraar Fred Roosendaal. Haar vader en moeder spelen als duo (accordeon en zang) in cafes in de Jordaan. Ook grootvader speelde accordeon in zijn cafe. Op latere leefrijd is grootmoeder drumster geworden in de band van opa, en er wordt gezegd dat dit vooral was om hem beter in de gaten te kunnen houden.